Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

valuteren vervoegen




NL: valuteren

U-vorm: Vervoeg volgens de 2e persoon enkelvoud. (advies Taalunie)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
gevaluteerd
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik valuteer
jij valuteert
hij valuteert
wij valuteren
jullie valuteren
zij valuteren
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb gevaluteerd
jij hebt gevaluteerd
hij heeft gevaluteerd
wij hebben gevaluteerd
jullie hebben gevaluteerd
zij hebben gevaluteerd
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik valuteerde
jij valuteerde
hij valuteerde
wij valuteerden
jullie valuteerden
zij valuteerden
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had gevaluteerd
jij had gevaluteerd
hij had gevaluteerd
wij hadden gevaluteerd
jullie hadden gevaluteerd
zij hadden gevaluteerd
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal valuteren
jij zult valuteren
hij zal valuteren
wij zullen valuteren
jullie zullen valuteren
zij zullen valuteren
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal gevaluteerd hebben
jij zult gevaluteerd hebben
hij zal gevaluteerd hebben
wij zullen gevaluteerd hebben
jullie zullen gevaluteerd hebben
zij zullen gevaluteerd hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou valuteren
jij zou valuteren
hij zou valuteren
wij zouden valuteren
jullie zouden valuteren
zij zouden valuteren
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou gevaluteerd hebben
jij zou gevaluteerd hebben
hij zou gevaluteerd hebben
wij zouden gevaluteerd hebben
jullie zouden gevaluteerd hebben
zij zouden gevaluteerd hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
valuteer

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/valuteren

Werkwoorden A tot (en met) Z

Nederlandse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Duitse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Engelse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Franse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Spaanse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Vervoegen

avoir être willen send sein
© Mijnwoordenboek MMXI | Contact | Privacy | Vaakst vertaald