NL: uitselecteren U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
uitgeselecteerd
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik selecteer uit jij selecteert uit hij selecteert uit wij selecteren uit jullie selecteren uit zij selecteren uit
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb uitgeselecteerd jij hebt uitgeselecteerd hij heeft uitgeselecteerd wij hebben uitgeselecteerd jullie hebben uitgeselecteerd zij hebben uitgeselecteerd
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik selecteerde uit jij selecteerde uit hij selecteerde uit wij selecteerden uit jullie selecteerden uit zij selecteerden uit
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had uitgeselecteerd jij had uitgeselecteerd hij had uitgeselecteerd wij hadden uitgeselecteerd jullie hadden uitgeselecteerd zij hadden uitgeselecteerd
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal uitselecteren jij zult uitselecteren hij zal uitselecteren wij zullen uitselecteren jullie zullen uitselecteren zij zullen uitselecteren
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal uitgeselecteerd hebben jij zult uitgeselecteerd hebben hij zal uitgeselecteerd hebben wij zullen uitgeselecteerd hebben jullie zullen uitgeselecteerd hebben zij zullen uitgeselecteerd hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou uitselecteren jij zou uitselecteren hij zou uitselecteren wij zouden uitselecteren jullie zouden uitselecteren zij zouden uitselecteren
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou uitgeselecteerd hebben jij zou uitgeselecteerd hebben hij zou uitgeselecteerd hebben wij zouden uitgeselecteerd hebben jullie zouden uitgeselecteerd hebben zij zouden uitgeselecteerd hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
selecteer uit
|