Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

uitpikken vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: uitpikken
Synoniemen: selecteren, uitkiezen, ziften, uitzoeken, schiften, kiezen, verkiezen, uitlezen

DE: uitpikken (selecteren): auswählen, selektieren, heraussuchen, sieben, herauspicken, sichten, sortieren, auslesen
EN: uitpikken (selecteren): choose, select, sort out, pick out, prefer, pick, single out
ES: uitpikken (selecteren): seleccionar
FR: uitpikken (selecteren): choisir, sélectionner, élire, préférer, opter pour, prendre

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
uitgepikt
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik pik uit
jij pikt uit
hij pikt uit
wij pikken uit
jullie pikken uit
zij pikken uit
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb uitgepikt
jij hebt uitgepikt
hij heeft uitgepikt
wij hebben uitgepikt
jullie hebben uitgepikt
zij hebben uitgepikt
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik pikte uit
jij pikte uit
hij pikte uit
wij pikten uit
jullie pikten uit
zij pikten uit
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had uitgepikt
jij had uitgepikt
hij had uitgepikt
wij hadden uitgepikt
jullie hadden uitgepikt
zij hadden uitgepikt
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal uitpikken
jij zult uitpikken
hij zal uitpikken
wij zullen uitpikken
jullie zullen uitpikken
zij zullen uitpikken
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal uitgepikt hebben
jij zult uitgepikt hebben
hij zal uitgepikt hebben
wij zullen uitgepikt hebben
jullie zullen uitgepikt hebben
zij zullen uitgepikt hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou uitpikken
jij zou uitpikken
hij zou uitpikken
wij zouden uitpikken
jullie zouden uitpikken
zij zouden uitpikken
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou uitgepikt hebben
jij zou uitgepikt hebben
hij zou uitgepikt hebben
wij zouden uitgepikt hebben
jullie zouden uitgepikt hebben
zij zouden uitgepikt hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
pik uit

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/uitpikken

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English