Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

uiteenlopen vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: uiteenlopen
Synoniemen: afwisselen, divergeren, gevarieerd, variëren, varierend, veranderen, verschillen, wisselen, , schelen

DE: variieren, ändern, wechseln, abwechseln
EN: variate, diverge, vary, range, differ, alternate with
ES: variar, diferir
FR: varier, différer, diverger

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
uiteengelopen
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik loop uiteen
jij loopt uiteen
hij loopt uiteen
wij lopen uiteen
jullie lopen uiteen
zij lopen uiteen
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik ben uiteengelopen
jij bent uiteengelopen
hij is uiteengelopen
wij zijn uiteengelopen
jullie zijn uiteengelopen
zij zijn uiteengelopen
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik liep uiteen
jij liep uiteen
hij liep uiteen
wij liepen uiteen
jullie liepen uiteen
zij liepen uiteen
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik was uiteengelopen
jij was uiteengelopen
hij was uiteengelopen
wij waren uiteengelopen
jullie waren uiteengelopen
zij waren uiteengelopen
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal uiteenlopen
jij zult uiteenlopen
hij zal uiteenlopen
wij zullen uiteenlopen
jullie zullen uiteenlopen
zij zullen uiteenlopen
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal uiteengelopen zijn
jij zult uiteengelopen zijn
hij zal uiteengelopen zijn
wij zullen uiteengelopen zijn
jullie zullen uiteengelopen zijn
zij zullen uiteengelopen zijn
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou uiteenlopen
jij zou uiteenlopen
hij zou uiteenlopen
wij zouden uiteenlopen
jullie zouden uiteenlopen
zij zouden uiteenlopen
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou uiteengelopen zijn
jij zou uiteengelopen zijn
hij zou uiteengelopen zijn
wij zouden uiteengelopen zijn
jullie zouden uiteengelopen zijn
zij zouden uiteengelopen zijn
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
loop uiteen

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/uiteenlopen

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English