NL: tussenkomenSynoniemen: bemiddelen, tussenbeikomen, interveniëren, interrumperen, interfereren, ingrijpen
DE: tussenkomen (bemiddelen): vermitteln, unterhandeln
EN: tussenkomen (bemiddelen): mediate, negotiate
ES: tussenkomen (bemiddelen): intervenir, negociar, mediar
U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
tussengekomen
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik kom tussen jij komt tussen hij komt tussen wij komen tussen jullie komen tussen zij komen tussen
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik ben tussengekomen jij bent tussengekomen hij is tussengekomen wij zijn tussengekomen jullie zijn tussengekomen zij zijn tussengekomen
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik kwam tussen jij kwam tussen hij kwam tussen wij kwamen tussen jullie kwamen tussen zij kwamen tussen
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik was tussengekomen jij was tussengekomen hij was tussengekomen wij waren tussengekomen jullie waren tussengekomen zij waren tussengekomen
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal tussenkomen jij zult tussenkomen hij zal tussenkomen wij zullen tussenkomen jullie zullen tussenkomen zij zullen tussenkomen
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal tussengekomen zijn jij zult tussengekomen zijn hij zal tussengekomen zijn wij zullen tussengekomen zijn jullie zullen tussengekomen zijn zij zullen tussengekomen zijn
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou tussenkomen jij zou tussenkomen hij zou tussenkomen wij zouden tussenkomen jullie zouden tussenkomen zij zouden tussenkomen
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou tussengekomen zijn jij zou tussengekomen zijn hij zou tussengekomen zijn wij zouden tussengekomen zijn jullie zouden tussengekomen zijn zij zouden tussengekomen zijn
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
kom tussen
|