Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

trainen vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: trainen
Synoniemen: africhten, bekwamen, coachen, harden, oefenen, ontwikkelen, dresseren

DE: trainieren, ausbilden, einstudieren, üben, entwickeln, einüben, bilden, proben, heranbilden, repetieren
EN: train, practise, tutor, lead up
ES: ejercitar, adiestrar
FR: entraîner, instruire, former, éduquer

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
getraind
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik train
jij traint
hij traint
wij trainen
jullie trainen
zij trainen
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb getraind
jij hebt getraind
hij heeft getraind
wij hebben getraind
jullie hebben getraind
zij hebben getraind
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik trainde
jij trainde
hij trainde
wij trainden
jullie trainden
zij trainden
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had getraind
jij had getraind
hij had getraind
wij hadden getraind
jullie hadden getraind
zij hadden getraind
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal trainen
jij zult trainen
hij zal trainen
wij zullen trainen
jullie zullen trainen
zij zullen trainen
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal getraind hebben
jij zult getraind hebben
hij zal getraind hebben
wij zullen getraind hebben
jullie zullen getraind hebben
zij zullen getraind hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou trainen
jij zou trainen
hij zou trainen
wij zouden trainen
jullie zouden trainen
zij zouden trainen
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou getraind hebben
jij zou getraind hebben
hij zou getraind hebben
wij zouden getraind hebben
jullie zouden getraind hebben
zij zouden getraind hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
train

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/trainen

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English