NL: toegevenSynoniemen: bekennen, zich overgeven, toestemmen, goedvinden, erkennen
DE: toegeven (als waar erkennen): zugeben, zugestehen, gestehen
EN: toegeven (als waar erkennen): accede, admit, admit the truth
ES: toegeven (als waar erkennen): admitir que algo es verdad
FR: toegeven (als waar erkennen): admettre, avouer, reconnaître, céder
U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
toegegeven
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik geef toe jij geeft toe hij geeft toe wij geven toe jullie geven toe zij geven toe
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb toegegeven jij hebt toegegeven hij heeft toegegeven wij hebben toegegeven jullie hebben toegegeven zij hebben toegegeven
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik gaf toe jij gaf toe hij gaf toe wij gaven toe jullie gaven toe zij gaven toe
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had toegegeven jij had toegegeven hij had toegegeven wij hadden toegegeven jullie hadden toegegeven zij hadden toegegeven
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal toegeven jij zult toegeven hij zal toegeven wij zullen toegeven jullie zullen toegeven zij zullen toegeven
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal toegegeven hebben jij zult toegegeven hebben hij zal toegegeven hebben wij zullen toegegeven hebben jullie zullen toegegeven hebben zij zullen toegegeven hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou toegeven jij zou toegeven hij zou toegeven wij zouden toegeven jullie zouden toegeven zij zouden toegeven
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou toegegeven hebben jij zou toegegeven hebben hij zou toegegeven hebben wij zouden toegegeven hebben jullie zouden toegegeven hebben zij zouden toegegeven hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
geef toe
|