NL: terugnemenSynoniemen: herroepen, intrekken, opheffen
DE: terugnemen (herroepen): zurücknehmen, zurückziehen, widerrufen, zurückrufen, sich zurückziehen
EN: terugnemen (herroepen): revoke, recall, reverse, repeal, recant
ES: terugnemen (herroepen): revocar, anular, derogar
FR: terugnemen (herroepen): révoquer, rappeler, rétracter
U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
teruggenomen
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik neem terug jij neemt terug hij neemt terug wij nemen terug jullie nemen terug zij nemen terug
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb teruggenomen jij hebt teruggenomen hij heeft teruggenomen wij hebben teruggenomen jullie hebben teruggenomen zij hebben teruggenomen
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik nam terug jij nam terug hij nam terug wij namen terug jullie namen terug zij namen terug
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had teruggenomen jij had teruggenomen hij had teruggenomen wij hadden teruggenomen jullie hadden teruggenomen zij hadden teruggenomen
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal terugnemen jij zult terugnemen hij zal terugnemen wij zullen terugnemen jullie zullen terugnemen zij zullen terugnemen
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal teruggenomen hebben jij zult teruggenomen hebben hij zal teruggenomen hebben wij zullen teruggenomen hebben jullie zullen teruggenomen hebben zij zullen teruggenomen hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou terugnemen jij zou terugnemen hij zou terugnemen wij zouden terugnemen jullie zouden terugnemen zij zouden terugnemen
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou teruggenomen hebben jij zou teruggenomen hebben hij zou teruggenomen hebben wij zouden teruggenomen hebben jullie zouden teruggenomen hebben zij zouden teruggenomen hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
neem terug
|