Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

teleurstellen vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: teleurstellen
Synoniemen: desillusioneren, ontgoochelen, beschamen, tegenvallen, frustreren, duperen, benadelen, afvallen

DE: teleurstellen (ontgoochelen): enttäuschen, ernüchtern, frustrieren
EN: teleurstellen (ontgoochelen): disappoint, frustrate, disillusion, let down, counteract, be contrary, belie, cross
ES: teleurstellen (ontgoochelen): decepcionar, desilusionar, frustrar
FR: teleurstellen (ontgoochelen): décevoir, désillusionner, frustrer

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
teleurgesteld
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik stel teleur
jij stelt teleur
hij stelt teleur
wij stellen teleur
jullie stellen teleur
zij stellen teleur
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb teleurgesteld
jij hebt teleurgesteld
hij heeft teleurgesteld
wij hebben teleurgesteld
jullie hebben teleurgesteld
zij hebben teleurgesteld
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik stelde teleur
jij stelde teleur
hij stelde teleur
wij stelden teleur
jullie stelden teleur
zij stelden teleur
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had teleurgesteld
jij had teleurgesteld
hij had teleurgesteld
wij hadden teleurgesteld
jullie hadden teleurgesteld
zij hadden teleurgesteld
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal teleurstellen
jij zult teleurstellen
hij zal teleurstellen
wij zullen teleurstellen
jullie zullen teleurstellen
zij zullen teleurstellen
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal teleurgesteld hebben
jij zult teleurgesteld hebben
hij zal teleurgesteld hebben
wij zullen teleurgesteld hebben
jullie zullen teleurgesteld hebben
zij zullen teleurgesteld hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou teleurstellen
jij zou teleurstellen
hij zou teleurstellen
wij zouden teleurstellen
jullie zouden teleurstellen
zij zouden teleurstellen
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou teleurgesteld hebben
jij zou teleurgesteld hebben
hij zou teleurgesteld hebben
wij zouden teleurgesteld hebben
jullie zouden teleurgesteld hebben
zij zouden teleurgesteld hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
stel teleur

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/teleurstellen

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English