NL: subsidiërenSynoniemen: subsidie
EN: subsidize
U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
gesubsidieerd
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik subsidieer jij subsidieert hij subsidieert wij subsidiëren jullie subsidiëren zij subsidiëren
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb gesubsidieerd jij hebt gesubsidieerd hij heeft gesubsidieerd wij hebben gesubsidieerd jullie hebben gesubsidieerd zij hebben gesubsidieerd
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik subsidieerde jij subsidieerde hij subsidieerde wij subsidieerden jullie subsidieerden zij subsidieerden
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had gesubsidieerd jij had gesubsidieerd hij had gesubsidieerd wij hadden gesubsidieerd jullie hadden gesubsidieerd zij hadden gesubsidieerd
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal subsidiëren jij zult subsidiëren hij zal subsidiëren wij zullen subsidiëren jullie zullen subsidiëren zij zullen subsidiëren
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal gesubsidieerd hebben jij zult gesubsidieerd hebben hij zal gesubsidieerd hebben wij zullen gesubsidieerd hebben jullie zullen gesubsidieerd hebben zij zullen gesubsidieerd hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou subsidiëren jij zou subsidiëren hij zou subsidiëren wij zouden subsidiëren jullie zouden subsidiëren zij zouden subsidiëren
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou gesubsidieerd hebben jij zou gesubsidieerd hebben hij zou gesubsidieerd hebben wij zouden gesubsidieerd hebben jullie zouden gesubsidieerd hebben zij zouden gesubsidieerd hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
subsidieer
|