Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

sturen vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: sturen
Synoniemen: doen toekomen, laveren, opsturen, wegzenden, stuurwielen, zenden, stuurraderen, wegsturen, verzenden, toezenden, posten

DE: schicken, versenden, zusenden, abschicken, absenden, verschicken, zum Versand bringen, einschicken, wegschicken, einsenden
EN: send
ES: enviar, mandar, despedir, destituir, expulsar, echar, retransmitir, rechazar, emitir, apartar
FR: envoyer, poster, mettre à la poste, expédier

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
gestuurd
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik stuur
jij stuurt
hij stuurt
wij sturen
jullie sturen
zij sturen
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb gestuurd
jij hebt gestuurd
hij heeft gestuurd
wij hebben gestuurd
jullie hebben gestuurd
zij hebben gestuurd
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik stuurde
jij stuurde
hij stuurde
wij stuurden
jullie stuurden
zij stuurden
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had gestuurd
jij had gestuurd
hij had gestuurd
wij hadden gestuurd
jullie hadden gestuurd
zij hadden gestuurd
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal sturen
jij zult sturen
hij zal sturen
wij zullen sturen
jullie zullen sturen
zij zullen sturen
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal gestuurd hebben
jij zult gestuurd hebben
hij zal gestuurd hebben
wij zullen gestuurd hebben
jullie zullen gestuurd hebben
zij zullen gestuurd hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou sturen
jij zou sturen
hij zou sturen
wij zouden sturen
jullie zouden sturen
zij zouden sturen
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou gestuurd hebben
jij zou gestuurd hebben
hij zou gestuurd hebben
wij zouden gestuurd hebben
jullie zouden gestuurd hebben
zij zouden gestuurd hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
stuur

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/sturen

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English