NL: stroomlijnenSynoniemen: structureren
DE: straffen, in Stromlinienform bringen
EN: streamline
ES: dar forma aerodinámica
U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
gestroomlijnd
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik stroomlijn jij stroomlijnt hij stroomlijnt wij stroomlijnen jullie stroomlijnen zij stroomlijnen
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb gestroomlijnd jij hebt gestroomlijnd hij heeft gestroomlijnd wij hebben gestroomlijnd jullie hebben gestroomlijnd zij hebben gestroomlijnd
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik stroomlijnde jij stroomlijnde hij stroomlijnde wij stroomlijnden jullie stroomlijnden zij stroomlijnden
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had gestroomlijnd jij had gestroomlijnd hij had gestroomlijnd wij hadden gestroomlijnd jullie hadden gestroomlijnd zij hadden gestroomlijnd
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal stroomlijnen jij zult stroomlijnen hij zal stroomlijnen wij zullen stroomlijnen jullie zullen stroomlijnen zij zullen stroomlijnen
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal gestroomlijnd hebben jij zult gestroomlijnd hebben hij zal gestroomlijnd hebben wij zullen gestroomlijnd hebben jullie zullen gestroomlijnd hebben zij zullen gestroomlijnd hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou stroomlijnen jij zou stroomlijnen hij zou stroomlijnen wij zouden stroomlijnen jullie zouden stroomlijnen zij zouden stroomlijnen
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou gestroomlijnd hebben jij zou gestroomlijnd hebben hij zou gestroomlijnd hebben wij zouden gestroomlijnd hebben jullie zouden gestroomlijnd hebben zij zouden gestroomlijnd hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
stroomlijn
|