NL: stilerenSynoniemen: modelleren
DE: stilisieren
EN: style
ES: estilizar
FR: styliser
U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
gestileerd
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik stileer jij stileert hij stileert wij stileren jullie stileren zij stileren
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb gestileerd jij hebt gestileerd hij heeft gestileerd wij hebben gestileerd jullie hebben gestileerd zij hebben gestileerd
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik stileerde jij stileerde hij stileerde wij stileerden jullie stileerden zij stileerden
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had gestileerd jij had gestileerd hij had gestileerd wij hadden gestileerd jullie hadden gestileerd zij hadden gestileerd
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal stileren jij zult stileren hij zal stileren wij zullen stileren jullie zullen stileren zij zullen stileren
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal gestileerd hebben jij zult gestileerd hebben hij zal gestileerd hebben wij zullen gestileerd hebben jullie zullen gestileerd hebben zij zullen gestileerd hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou stileren jij zou stileren hij zou stileren wij zouden stileren jullie zouden stileren zij zouden stileren
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou gestileerd hebben jij zou gestileerd hebben hij zou gestileerd hebben wij zouden gestileerd hebben jullie zouden gestileerd hebben zij zouden gestileerd hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
stileer
|