NL: spawnen U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
gespawnd
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik spawn jij spawnt hij spawnt wij spawnen jullie spawnen zij spawnen
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb gespawnd jij hebt gespawnd hij heeft gespawnd wij hebben gespawnd jullie hebben gespawnd zij hebben gespawnd
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik spawnde jij spawnde hij spawnde wij spawnden jullie spawnden zij spawnden
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had gespawnd jij had gespawnd hij had gespawnd wij hadden gespawnd jullie hadden gespawnd zij hadden gespawnd
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal spawnen jij zult spawnen hij zal spawnen wij zullen spawnen jullie zullen spawnen zij zullen spawnen
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal gespawnd hebben jij zult gespawnd hebben hij zal gespawnd hebben wij zullen gespawnd hebben jullie zullen gespawnd hebben zij zullen gespawnd hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou spawnen jij zou spawnen hij zou spawnen wij zouden spawnen jullie zouden spawnen zij zouden spawnen
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou gespawnd hebben jij zou gespawnd hebben hij zou gespawnd hebben wij zouden gespawnd hebben jullie zouden gespawnd hebben zij zouden gespawnd hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
spawn
|