Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

sissen vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: sissen
Synoniemen: blazen, lispelen, piepen, fluisteren, gesis

DE: sissen (lispelen): flüstern, lispeln, raunen, tuscheln, zischeln
EN: sissen (lispelen): whisper, whoosh, whizz, lisp, speak with a lisp, rustle
FR: sissen (lispelen): chuchoter, murmurer, zozoter, susurrer, gazouiller, zézayer

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
gesist
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik sis
jij sist
hij sist
wij sissen
jullie sissen
zij sissen
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb gesist
jij hebt gesist
hij heeft gesist
wij hebben gesist
jullie hebben gesist
zij hebben gesist
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik siste
jij siste
hij siste
wij sisten
jullie sisten
zij sisten
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had gesist
jij had gesist
hij had gesist
wij hadden gesist
jullie hadden gesist
zij hadden gesist
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal sissen
jij zult sissen
hij zal sissen
wij zullen sissen
jullie zullen sissen
zij zullen sissen
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal gesist hebben
jij zult gesist hebben
hij zal gesist hebben
wij zullen gesist hebben
jullie zullen gesist hebben
zij zullen gesist hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou sissen
jij zou sissen
hij zou sissen
wij zouden sissen
jullie zouden sissen
zij zouden sissen
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou gesist hebben
jij zou gesist hebben
hij zou gesist hebben
wij zouden gesist hebben
jullie zouden gesist hebben
zij zouden gesist hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
sis

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/sissen

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English