Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

schetsen vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: schetsen
Synoniemen: aangeven, afbeelden, beschrijven, karakteriseren, ontwerpen, tekenen, traceren, uitbeelden, omschrijven, afschilderen, uitstippelen

DE: schetsen (beschrijven): beschreiben, umschreiben, darstellen, skizzieren, abbilden, entwerfen, schildern
EN: schetsen (beschrijven): describe, sketch, outline
ES: schetsen (beschrijven): describir, definir, detallar, explicar, escribir en, hacer un boceto
FR: schetsen (beschrijven): décrire, écrire, croquer, esquisser, ébaucher, dépeindre

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
geschetst
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik schets
jij schetst
hij schetst
wij schetsen
jullie schetsen
zij schetsen
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb geschetst
jij hebt geschetst
hij heeft geschetst
wij hebben geschetst
jullie hebben geschetst
zij hebben geschetst
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik schetste
jij schetste
hij schetste
wij schetsten
jullie schetsten
zij schetsten
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had geschetst
jij had geschetst
hij had geschetst
wij hadden geschetst
jullie hadden geschetst
zij hadden geschetst
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal schetsen
jij zult schetsen
hij zal schetsen
wij zullen schetsen
jullie zullen schetsen
zij zullen schetsen
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal geschetst hebben
jij zult geschetst hebben
hij zal geschetst hebben
wij zullen geschetst hebben
jullie zullen geschetst hebben
zij zullen geschetst hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou schetsen
jij zou schetsen
hij zou schetsen
wij zouden schetsen
jullie zouden schetsen
zij zouden schetsen
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou geschetst hebben
jij zou geschetst hebben
hij zou geschetst hebben
wij zouden geschetst hebben
jullie zouden geschetst hebben
zij zouden geschetst hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
schets

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/schetsen

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English