NL: saboterenDE: sabotieren
EN: sabotage, damage intentionally
FR: saboter, endommager volontairement, commettre un acte de sabotage
U-vorm: Vervoeg volgens de 2e persoon enkelvoud. (advies Taalunie)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
gesaboteerd
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik saboteer jij saboteert hij saboteert wij saboteren jullie saboteren zij saboteren
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb gesaboteerd jij hebt gesaboteerd hij heeft gesaboteerd wij hebben gesaboteerd jullie hebben gesaboteerd zij hebben gesaboteerd
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik saboteerde jij saboteerde hij saboteerde wij saboteerden jullie saboteerden zij saboteerden
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had gesaboteerd jij had gesaboteerd hij had gesaboteerd wij hadden gesaboteerd jullie hadden gesaboteerd zij hadden gesaboteerd
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal saboteren jij zult saboteren hij zal saboteren wij zullen saboteren jullie zullen saboteren zij zullen saboteren
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal gesaboteerd hebben jij zult gesaboteerd hebben hij zal gesaboteerd hebben wij zullen gesaboteerd hebben jullie zullen gesaboteerd hebben zij zullen gesaboteerd hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou saboteren jij zou saboteren hij zou saboteren wij zouden saboteren jullie zouden saboteren zij zouden saboteren
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou gesaboteerd hebben jij zou gesaboteerd hebben hij zou gesaboteerd hebben wij zouden gesaboteerd hebben jullie zouden gesaboteerd hebben zij zouden gesaboteerd hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
saboteer
|