Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

roesten vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: roesten
Synoniemen: verroesten, inroesten

DE: roesten (door roest ingevreten worden): rosten, verrosten, einrosten
EN: roesten (door roest ingevreten worden): rust, roost
ES: roesten (door roest ingevreten worden): corroerse, oxidarse
FR: roesten (door roest ingevreten worden): rouiller, se rouiller

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
geroest
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik roest
jij roest
hij roest
wij roesten
jullie roesten
zij roesten
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb geroest
jij hebt geroest
hij heeft geroest
wij hebben geroest
jullie hebben geroest
zij hebben geroest
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik roestte
jij roestte
hij roestte
wij roestten
jullie roestten
zij roestten
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had geroest
jij had geroest
hij had geroest
wij hadden geroest
jullie hadden geroest
zij hadden geroest
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal roesten
jij zult roesten
hij zal roesten
wij zullen roesten
jullie zullen roesten
zij zullen roesten
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal geroest hebben
jij zult geroest hebben
hij zal geroest hebben
wij zullen geroest hebben
jullie zullen geroest hebben
zij zullen geroest hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou roesten
jij zou roesten
hij zou roesten
wij zouden roesten
jullie zouden roesten
zij zouden roesten
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou geroest hebben
jij zou geroest hebben
hij zou geroest hebben
wij zouden geroest hebben
jullie zouden geroest hebben
zij zouden geroest hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
roest

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/roesten

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English