Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

risken vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: risken

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
geriskt
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik risk
jij riskt
hij riskt
wij risken
jullie risken
zij risken
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb geriskt
jij hebt geriskt
hij heeft geriskt
wij hebben geriskt
jullie hebben geriskt
zij hebben geriskt
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik riskte
jij riskte
hij riskte
wij riskten
jullie riskten
zij riskten
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had geriskt
jij had geriskt
hij had geriskt
wij hadden geriskt
jullie hadden geriskt
zij hadden geriskt
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal risken
jij zult risken
hij zal risken
wij zullen risken
jullie zullen risken
zij zullen risken
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal geriskt hebben
jij zult geriskt hebben
hij zal geriskt hebben
wij zullen geriskt hebben
jullie zullen geriskt hebben
zij zullen geriskt hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou risken
jij zou risken
hij zou risken
wij zouden risken
jullie zouden risken
zij zouden risken
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou geriskt hebben
jij zou geriskt hebben
hij zou geriskt hebben
wij zouden geriskt hebben
jullie zouden geriskt hebben
zij zouden geriskt hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
risk

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/risken

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English