EN: to reasonSynoniemen: aim, apology, basis, cause, common sense, defence, drive, explanation, foundation, function, grounds, idea, intention, judgment, justification, motivation, object, origin, plea, point, pretext, principle, purpose, rationale, root, sense, source, use,
NL: argumenteren, redeneren, beredeneren
DE: begründen, argumentieren, bereden, besprechen, auseinandersetzen, darlegen, ausführlich erörtern
ES: argumentar
FR: raisonner, argumenter
| Gerund |
| De Gerund is een ing-vorm die zelfstandig gebruikt kan worden. |
reasoning
|
| Present simple (ott) |
| Tegenwoordige tijd zonder ing-vorm. |
I reason you reason he reasons we reason you reason they reason
|
| Present perfect (vtt) |
| Have/has + voltooid deelwoord / voltooid tegenwoordige tijd. |
I have reasoned you have reasoned he has reasoned we have reasoned you have reasoned they have reasoned
|
| Past Simple (ovt) |
| Verleden tijd zonder �ing vorm |
I reasoned you reasoned he reasoned we reasoned you reasoned they reasoned
|
| Past perfect (vvt) |
| Had + voltooid deelwoord / voltooid verleden tijd |
I had reasoned you had reasoned he had reasoned we had reasoned you had reasoned they had reasoned
|
| Present future (ottt) |
| Toekomst. Shall / Will + hele werkwoord |
I will reason you will reason he will reason we will reason you will reason they will reason
|
| Present future perfect (vttt) |
| Shall / Will + have + voltooid deelwoord. Het wordt gebruikt om aan te geven dat iets is afgerond op een nader tijdstip in de toekomst. |
I will have reasoned you will have reasoned he will have reasoned we will have reasoned you will have reasoned they will have reasoned
|
| Past future (ovtt) |
| Altijd gevormd door: should/would + inf. Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
I would reason you would reason he would reason we would reason you would reason they would reason
|
| Past future perfect (vvtt) |
| Altijd gevormd door: should/would + have + volt. dw. Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
I would have reasoned you would have reasoned he would have reasoned we would have reasoned you would have reasoned they would have reasoned
|