| Vervoegen: raffineren |
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
| geraffineerd |
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
| ik raffineer jij raffineert hij raffineert wij raffineren jullie raffineren zij raffineren |
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
| ik heb geraffineerd jij hebt geraffineerd hij heeft geraffineerd wij hebben geraffineerd jullie hebben geraffineerd zij hebben geraffineerd |
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
| ik raffineerde jij raffineerde hij raffineerde wij raffineerden jullie raffineerden zij raffineerden |
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
| ik had geraffineerd jij had geraffineerd hij had geraffineerd wij hadden geraffineerd jullie hadden geraffineerd zij hadden geraffineerd |
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
| ik zal raffineren jij zult raffineren hij zal raffineren wij zullen raffineren jullie zullen raffineren zij zullen raffineren |
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
| ik zal geraffineerd hebben jij zult geraffineerd hebben hij zal geraffineerd hebben wij zullen geraffineerd hebben jullie zullen geraffineerd hebben zij zullen geraffineerd hebben |
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
| ik zou raffineren jij zou raffineren hij zou raffineren wij zouden raffineren jullie zouden raffineren zij zouden raffineren |
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
| ik zou geraffineerd hebben jij zou geraffineerd hebben hij zou geraffineerd hebben wij zouden geraffineerd hebben jullie zouden geraffineerd hebben zij zouden geraffineerd hebben |
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
| raffineer |