| Vervoegen: radicaliseren |
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
| geradicaliseerd |
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
| ik radicaliseer jij radicaliseert hij radicaliseert wij radicaliseren jullie radicaliseren zij radicaliseren |
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
| ik heb geradicaliseerd jij hebt geradicaliseerd hij heeft geradicaliseerd wij hebben geradicaliseerd jullie hebben geradicaliseerd zij hebben geradicaliseerd |
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
| ik radicaliseerde jij radicaliseerde hij radicaliseerde wij radicaliseerden jullie radicaliseerden zij radicaliseerden |
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
| ik had geradicaliseerd jij had geradicaliseerd hij had geradicaliseerd wij hadden geradicaliseerd jullie hadden geradicaliseerd zij hadden geradicaliseerd |
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
| ik zal radicaliseren jij zult radicaliseren hij zal radicaliseren wij zullen radicaliseren jullie zullen radicaliseren zij zullen radicaliseren |
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
| ik zal geradicaliseerd hebben jij zult geradicaliseerd hebben hij zal geradicaliseerd hebben wij zullen geradicaliseerd hebben jullie zullen geradicaliseerd hebben zij zullen geradicaliseerd hebben |
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
| ik zou radicaliseren jij zou radicaliseren hij zou radicaliseren wij zouden radicaliseren jullie zouden radicaliseren zij zouden radicaliseren |
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
| ik zou geradicaliseerd hebben jij zou geradicaliseerd hebben hij zou geradicaliseerd hebben wij zouden geradicaliseerd hebben jullie zouden geradicaliseerd hebben zij zouden geradicaliseerd hebben |
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
| radicaliseer |