EN: to quizNL: de quiz (m), kwis
DE: das Quiz
| Gerund |
| De Gerund is een ing-vorm die zelfstandig gebruikt kan worden. |
quizzing
|
| Present simple (ott) |
| Tegenwoordige tijd zonder ing-vorm. |
I quiz you quiz he quizzes we quiz you quiz they quiz
|
| Present perfect (vtt) |
| Have/has + voltooid deelwoord / voltooid tegenwoordige tijd. |
I have quizzed you have quizzed he has quizzed we have quizzed you have quizzed they have quizzed
|
| Past Simple (ovt) |
| Verleden tijd zonder �ing vorm |
I quizzed you quizzed he quizzed we quizzed you quizzed they quizzed
|
| Past perfect (vvt) |
| Had + voltooid deelwoord / voltooid verleden tijd |
I had quizzed you had quizzed he had quizzed we had quizzed you had quizzed they had quizzed
|
| Present future (ottt) |
| Toekomst. Shall / Will + hele werkwoord |
I will quiz you will quiz he will quiz we will quiz you will quiz they will quiz
|
| Present future perfect (vttt) |
| Shall / Will + have + voltooid deelwoord. Het wordt gebruikt om aan te geven dat iets is afgerond op een nader tijdstip in de toekomst. |
I will have quizzed you will have quizzed he will have quizzed we will have quizzed you will have quizzed they will have quizzed
|
| Past future (ovtt) |
| Altijd gevormd door: should/would + inf. Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
I would quiz you would quiz he would quiz we would quiz you would quiz they would quiz
|
| Past future perfect (vvtt) |
| Altijd gevormd door: should/would + have + volt. dw. Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
I would have quizzed you would have quizzed he would have quizzed we would have quizzed you would have quizzed they would have quizzed
|