NL: publishen U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
gepublisht
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik publish jij publisht hij publisht wij publishen jullie publishen zij publishen
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb gepublisht jij hebt gepublisht hij heeft gepublisht wij hebben gepublisht jullie hebben gepublisht zij hebben gepublisht
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik publishte jij publishte hij publishte wij publishten jullie publishten zij publishten
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had gepublisht jij had gepublisht hij had gepublisht wij hadden gepublisht jullie hadden gepublisht zij hadden gepublisht
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal publishen jij zult publishen hij zal publishen wij zullen publishen jullie zullen publishen zij zullen publishen
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal gepublisht hebben jij zult gepublisht hebben hij zal gepublisht hebben wij zullen gepublisht hebben jullie zullen gepublisht hebben zij zullen gepublisht hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou publishen jij zou publishen hij zou publishen wij zouden publishen jullie zouden publishen zij zouden publishen
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou gepublisht hebben jij zou gepublisht hebben hij zou gepublisht hebben wij zouden gepublisht hebben jullie zouden gepublisht hebben zij zouden gepublisht hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
publish
|