Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

protocolleren vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: protocolleren

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
geprotocolleerd
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik protocolleer
jij protocolleert
hij protocolleert
wij protocolleren
jullie protocolleren
zij protocolleren
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb geprotocolleerd
jij hebt geprotocolleerd
hij heeft geprotocolleerd
wij hebben geprotocolleerd
jullie hebben geprotocolleerd
zij hebben geprotocolleerd
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik protocolleerde
jij protocolleerde
hij protocolleerde
wij protocolleerden
jullie protocolleerden
zij protocolleerden
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had geprotocolleerd
jij had geprotocolleerd
hij had geprotocolleerd
wij hadden geprotocolleerd
jullie hadden geprotocolleerd
zij hadden geprotocolleerd
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal protocolleren
jij zult protocolleren
hij zal protocolleren
wij zullen protocolleren
jullie zullen protocolleren
zij zullen protocolleren
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal geprotocolleerd hebben
jij zult geprotocolleerd hebben
hij zal geprotocolleerd hebben
wij zullen geprotocolleerd hebben
jullie zullen geprotocolleerd hebben
zij zullen geprotocolleerd hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou protocolleren
jij zou protocolleren
hij zou protocolleren
wij zouden protocolleren
jullie zouden protocolleren
zij zouden protocolleren
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou geprotocolleerd hebben
jij zou geprotocolleerd hebben
hij zou geprotocolleerd hebben
wij zouden geprotocolleerd hebben
jullie zouden geprotocolleerd hebben
zij zouden geprotocolleerd hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
protocolleer

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/protocolleren

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English