NL: prostituerenDE: sich prostituieren
EN: prostitute
ES: prostituir
FR: prostituer
U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
geprostitueerd
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik prostitueer jij prostitueert hij prostitueert wij prostitueren jullie prostitueren zij prostitueren
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb geprostitueerd jij hebt geprostitueerd hij heeft geprostitueerd wij hebben geprostitueerd jullie hebben geprostitueerd zij hebben geprostitueerd
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik prostitueerde jij prostitueerde hij prostitueerde wij prostitueerden jullie prostitueerden zij prostitueerden
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had geprostitueerd jij had geprostitueerd hij had geprostitueerd wij hadden geprostitueerd jullie hadden geprostitueerd zij hadden geprostitueerd
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal prostitueren jij zult prostitueren hij zal prostitueren wij zullen prostitueren jullie zullen prostitueren zij zullen prostitueren
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal geprostitueerd hebben jij zult geprostitueerd hebben hij zal geprostitueerd hebben wij zullen geprostitueerd hebben jullie zullen geprostitueerd hebben zij zullen geprostitueerd hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou prostitueren jij zou prostitueren hij zou prostitueren wij zouden prostitueren jullie zouden prostitueren zij zouden prostitueren
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou geprostitueerd hebben jij zou geprostitueerd hebben hij zou geprostitueerd hebben wij zouden geprostitueerd hebben jullie zouden geprostitueerd hebben zij zouden geprostitueerd hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
prostitueer
|