EN: to precel| Gerund |
| De Gerund is een ing-vorm die zelfstandig gebruikt kan worden. |
preceling
|
| Present simple (ott) |
| Tegenwoordige tijd zonder ing-vorm. |
I precel you precel he precels we precel you precel they precel
|
| Present perfect (vtt) |
| Have/has + voltooid deelwoord / voltooid tegenwoordige tijd. |
I have preceled you have preceled he has preceled we have preceled you have preceled they have preceled
|
| Past Simple (ovt) |
| Verleden tijd zonder �ing vorm |
I preceled you preceled he preceled we preceled you preceled they preceled
|
| Past perfect (vvt) |
| Had + voltooid deelwoord / voltooid verleden tijd |
I had preceled you had preceled he had preceled we had preceled you had preceled they had preceled
|
| Present future (ottt) |
| Toekomst. Shall / Will + hele werkwoord |
I will precel you will precel he will precel we will precel you will precel they will precel
|
| Present future perfect (vttt) |
| Shall / Will + have + voltooid deelwoord. Het wordt gebruikt om aan te geven dat iets is afgerond op een nader tijdstip in de toekomst. |
I will have preceled you will have preceled he will have preceled we will have preceled you will have preceled they will have preceled
|
| Past future (ovtt) |
| Altijd gevormd door: should/would + inf. Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
I would precel you would precel he would precel we would precel you would precel they would precel
|
| Past future perfect (vvtt) |
| Altijd gevormd door: should/would + have + volt. dw. Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
I would have preceled you would have preceled he would have preceled we would have preceled you would have preceled they would have preceled
|