Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

polariseren vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: polariseren
Synoniemen: tegenstellingen doen ontstaan

EN: polarize

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
gepolariseerd
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik polariseer
jij polariseert
hij polariseert
wij polariseren
jullie polariseren
zij polariseren
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb gepolariseerd
jij hebt gepolariseerd
hij heeft gepolariseerd
wij hebben gepolariseerd
jullie hebben gepolariseerd
zij hebben gepolariseerd
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik polariseerde
jij polariseerde
hij polariseerde
wij polariseerden
jullie polariseerden
zij polariseerden
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had gepolariseerd
jij had gepolariseerd
hij had gepolariseerd
wij hadden gepolariseerd
jullie hadden gepolariseerd
zij hadden gepolariseerd
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal polariseren
jij zult polariseren
hij zal polariseren
wij zullen polariseren
jullie zullen polariseren
zij zullen polariseren
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal gepolariseerd hebben
jij zult gepolariseerd hebben
hij zal gepolariseerd hebben
wij zullen gepolariseerd hebben
jullie zullen gepolariseerd hebben
zij zullen gepolariseerd hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou polariseren
jij zou polariseren
hij zou polariseren
wij zouden polariseren
jullie zouden polariseren
zij zouden polariseren
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou gepolariseerd hebben
jij zou gepolariseerd hebben
hij zou gepolariseerd hebben
wij zouden gepolariseerd hebben
jullie zouden gepolariseerd hebben
zij zouden gepolariseerd hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
polariseer

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/polariseren

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English