Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

peter vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





FR: péter

EN: to peter
NL: péter (exploser): ontploffen, springen, uit elkaar springen, ploffen, uit elkaar spatten
Gerund
De Gerund is een ing-vorm die zelfstandig gebruikt kan worden.
petering
Present simple (ott)
Tegenwoordige tijd zonder ing-vorm.
I peter
you peter
he peters
we peter
you peter
they peter
Present perfect (vtt)
Have/has + voltooid deelwoord / voltooid tegenwoordige tijd.
I have petered
you have petered
he has petered
we have petered
you have petered
they have petered
Past Simple (ovt)
Verleden tijd zonder �ing vorm
I petered
you petered
he petered
we petered
you petered
they petered
Past perfect (vvt)
Had + voltooid deelwoord / voltooid verleden tijd
I had petered
you had petered
he had petered
we had petered
you had petered
they had petered
Present future (ottt)
Toekomst. Shall / Will + hele werkwoord
I will peter
you will peter
he will peter
we will peter
you will peter
they will peter
Present future perfect (vttt)
Shall / Will + have + voltooid deelwoord. Het wordt gebruikt om aan te geven dat iets is afgerond op een nader tijdstip in de toekomst.
I will have petered
you will have petered
he will have petered
we will have petered
you will have petered
they will have petered
Past future (ovtt)
Altijd gevormd door: should/would + inf. Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
I would peter
you would peter
he would peter
we would peter
you would peter
they would peter
Past future perfect (vvtt)
Altijd gevormd door: should/would + have + volt. dw. Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
I would have petered
you would have petered
he would have petered
we would have petered
you would have petered
they would have petered


FR: péter
NL: péter (exploser): ontploffen, springen, uit elkaar springen, ploffen, uit elkaar spatten
Participe Passé
pété
Indicatif Présent
ott, als in `ik ga`
je pète
tu pètes
il; elle pète
nous pétons
vous pétez
ils; elles pètent
Indicatif Passé Composé
Passé composé = voltooid tegenwoordige tijd. Als in `ik ben gegaan`. Le passé composé wordt gebruikt voor alle op zichzelf staande feiten, nieuwe, éénmalige gebeurtenissen, alle afgesloten handelingen.
j`ai pété
tu as pété
il; elle a pété
nous avons pété
vous avez pété
ils; elles ont pété
Indicatif Imparfait
ovt, als in `ik ging`. L'imparfait wordt gebruikt voor het weergeven van: (I) een gewoonte (handeling), (II) een toestand/ beschrijving van karakter,uiterlijk, kleding, gemoedstoestand en landschap, (III) een handeling die aan de gang was.
je pétais
tu pétais
il; elle pétait
nous pétions
vous pétiez
ils; elles pétaient
Indicatif Plus-Que-Parfait
Plus-que-parfait= voltooid verleden tijd. Als in `ik was gegaan`
j`avais pété
tu avais pété
il; elle avait pété
nous avions pété
vous aviez pété
ils; elles avaient pété
Indicatif Passé Simple
vtt, als in `ik ging`. Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
je pétai
tu pétas
il; elle péta
nous pétâmes
vous pétâtes
ils; elles pétèrent
Indicatif Passé Antérieur
vvtt, als in `ik zou gegaan zijn`
j`eus pété
tu eus pété
il; elle eut pété
nous eûmes pété
vous eûtes pété
ils; elles eurent pété
Indicatif Futur Simple
ottt, als in `ik zal gaan`
je péterai
tu péteras
il; elle pétera
nous péterons
vous péterez
ils; elles péteront
Indicatif Futur Antérieur
vttt, als in `Ik zal gegaan zijn`
j`aurai pété
tu auras pété
il; elle aura pété
nous aurons pété
vous aurez pété
ils; elles auront pété
Subjonctif Présent
Aanvoegende wijs, heden. Men gebruikt het subjonctif in een onderschikkende bijzin die begint met `que`, na werkwoorden die een gevoel weergeven: être content = blij zijn, être triste= bedroefd zijn
je pète
tu pètes
il; elle pète
nous pétions
vous pétiez
ils; elles pètent
Subjonctif Passé
Aanvoegende wijs, verleden. Vooral gebruikt in de schrijftaal.
j`aie pété
tu aies pété
il; elle ait pété
nous ayons pété
vous ayez pété
ils; elles aient pété
Subjonctif Imparfait
Aanvoegende wijs. Vooral gebruikt in de schrijftaal. L'imparfait wordt gebruikt voor het weergeven van: (I) een gewoonte (handeling), (II) een toestand/ beschrijving van karakter,uiterlijk, kleding, gemoedstoestand en landschap, (III) een handeling die aan de gang was
je pétasse
tu pétasses
il; elle pétât
nous pétassions
vous pétassiez
ils; elles pétassent
Subjonctif Plus-Que-Parfait
Aanvoegende wijs, voltooid deelwoord. Vooral gebruikt in de schrijftaal.
j`eusse pété
tu eusses pété
il; elle eût pété
nous eussions pété
vous eussiez pété
ils; elles eussent pété
Conditionnel Présent
ovtt. Met de conditionnel présent kan je een voorwaarde uitdrukken, als in `ik zou gaan`
je péterais
tu péterais
il; elle péterait
nous péterions
vous péteriez
ils; elles péteraient
Conditionnel Passé
vvtt. De conditionnel passé gebruik je om een voorwaarde in het verleden te stellen, als in `ik zou gegaan zijn`
j`aurais pété
tu aurais pété
il; elle aurait pété
nous aurions pété
vous auriez pété
ils; elles auraient pété
Impératif Présent
gebiedende wijs als in `Ga!`
(tu) pète, (nous) pétons
(vous) pétez

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/péter

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English