Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

patrouilleren vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: patrouilleren
Synoniemen: de ronde doen, kruisen, afzoeken

EN: patrol, watch

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
gepatrouilleerd
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik patrouilleer
jij patrouilleert
hij patrouilleert
wij patrouilleren
jullie patrouilleren
zij patrouilleren
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb gepatrouilleerd
jij hebt gepatrouilleerd
hij heeft gepatrouilleerd
wij hebben gepatrouilleerd
jullie hebben gepatrouilleerd
zij hebben gepatrouilleerd
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik patrouilleerde
jij patrouilleerde
hij patrouilleerde
wij patrouilleerden
jullie patrouilleerden
zij patrouilleerden
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had gepatrouilleerd
jij had gepatrouilleerd
hij had gepatrouilleerd
wij hadden gepatrouilleerd
jullie hadden gepatrouilleerd
zij hadden gepatrouilleerd
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal patrouilleren
jij zult patrouilleren
hij zal patrouilleren
wij zullen patrouilleren
jullie zullen patrouilleren
zij zullen patrouilleren
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal gepatrouilleerd hebben
jij zult gepatrouilleerd hebben
hij zal gepatrouilleerd hebben
wij zullen gepatrouilleerd hebben
jullie zullen gepatrouilleerd hebben
zij zullen gepatrouilleerd hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou patrouilleren
jij zou patrouilleren
hij zou patrouilleren
wij zouden patrouilleren
jullie zouden patrouilleren
zij zouden patrouilleren
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou gepatrouilleerd hebben
jij zou gepatrouilleerd hebben
hij zou gepatrouilleerd hebben
wij zouden gepatrouilleerd hebben
jullie zouden gepatrouilleerd hebben
zij zouden gepatrouilleerd hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
patrouilleer

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/patrouilleren

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English