Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

parfumeren vervoegen




NL: parfumeren

U-vorm: Vervoeg volgens de 2e persoon enkelvoud. (advies Taalunie)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
geparfumeerd
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik parfumeer
jij parfumeert
hij parfumeert
wij parfumeren
jullie parfumeren
zij parfumeren
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb geparfumeerd
jij hebt geparfumeerd
hij heeft geparfumeerd
wij hebben geparfumeerd
jullie hebben geparfumeerd
zij hebben geparfumeerd
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik parfumeerde
jij parfumeerde
hij parfumeerde
wij parfumeerden
jullie parfumeerden
zij parfumeerden
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had geparfumeerd
jij had geparfumeerd
hij had geparfumeerd
wij hadden geparfumeerd
jullie hadden geparfumeerd
zij hadden geparfumeerd
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal parfumeren
jij zult parfumeren
hij zal parfumeren
wij zullen parfumeren
jullie zullen parfumeren
zij zullen parfumeren
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal geparfumeerd hebben
jij zult geparfumeerd hebben
hij zal geparfumeerd hebben
wij zullen geparfumeerd hebben
jullie zullen geparfumeerd hebben
zij zullen geparfumeerd hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou parfumeren
jij zou parfumeren
hij zou parfumeren
wij zouden parfumeren
jullie zouden parfumeren
zij zouden parfumeren
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou geparfumeerd hebben
jij zou geparfumeerd hebben
hij zou geparfumeerd hebben
wij zouden geparfumeerd hebben
jullie zouden geparfumeerd hebben
zij zouden geparfumeerd hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
parfumeer

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/parfumeren

Werkwoorden A tot (en met) Z

Nederlandse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Duitse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Engelse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Franse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Spaanse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Vervoegen

avoir être willen send sein
© Mijnwoordenboek MMXI | Contact | Privacy | Vaakst vertaald