NL: parasiterenSynoniemen: klaplopen
EN: parasiteren (klaplopen): parasitize, scrounge, cadge, sponge off, live on one's money
U-vorm: Vervoeg volgens de 2e persoon enkelvoud. (advies Taalunie)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
geparasiteerd
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik parasiteer jij parasiteert hij parasiteert wij parasiteren jullie parasiteren zij parasiteren
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb geparasiteerd jij hebt geparasiteerd hij heeft geparasiteerd wij hebben geparasiteerd jullie hebben geparasiteerd zij hebben geparasiteerd
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik parasiteerde jij parasiteerde hij parasiteerde wij parasiteerden jullie parasiteerden zij parasiteerden
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had geparasiteerd jij had geparasiteerd hij had geparasiteerd wij hadden geparasiteerd jullie hadden geparasiteerd zij hadden geparasiteerd
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal parasiteren jij zult parasiteren hij zal parasiteren wij zullen parasiteren jullie zullen parasiteren zij zullen parasiteren
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal geparasiteerd hebben jij zult geparasiteerd hebben hij zal geparasiteerd hebben wij zullen geparasiteerd hebben jullie zullen geparasiteerd hebben zij zullen geparasiteerd hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou parasiteren jij zou parasiteren hij zou parasiteren wij zouden parasiteren jullie zouden parasiteren zij zouden parasiteren
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou geparasiteerd hebben jij zou geparasiteerd hebben hij zou geparasiteerd hebben wij zouden geparasiteerd hebben jullie zouden geparasiteerd hebben zij zouden geparasiteerd hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
parasiteer
|