Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

paralyseren vervoegen




NL: paralyseren

U-vorm: Vervoeg volgens de 2e persoon enkelvoud. (advies Taalunie)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
geparalyseerd
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik paralyseer
jij paralyseert
hij paralyseert
wij paralyseren
jullie paralyseren
zij paralyseren
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb geparalyseerd
jij hebt geparalyseerd
hij heeft geparalyseerd
wij hebben geparalyseerd
jullie hebben geparalyseerd
zij hebben geparalyseerd
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik paralyseerde
jij paralyseerde
hij paralyseerde
wij paralyseerden
jullie paralyseerden
zij paralyseerden
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had geparalyseerd
jij had geparalyseerd
hij had geparalyseerd
wij hadden geparalyseerd
jullie hadden geparalyseerd
zij hadden geparalyseerd
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal paralyseren
jij zult paralyseren
hij zal paralyseren
wij zullen paralyseren
jullie zullen paralyseren
zij zullen paralyseren
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal geparalyseerd hebben
jij zult geparalyseerd hebben
hij zal geparalyseerd hebben
wij zullen geparalyseerd hebben
jullie zullen geparalyseerd hebben
zij zullen geparalyseerd hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou paralyseren
jij zou paralyseren
hij zou paralyseren
wij zouden paralyseren
jullie zouden paralyseren
zij zouden paralyseren
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou geparalyseerd hebben
jij zou geparalyseerd hebben
hij zou geparalyseerd hebben
wij zouden geparalyseerd hebben
jullie zouden geparalyseerd hebben
zij zouden geparalyseerd hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
paralyseer

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/paralyseren

Werkwoorden A tot (en met) Z

Nederlandse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Duitse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Engelse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Franse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Spaanse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Vervoegen

avoir être willen send sein
© Mijnwoordenboek MMXI | Contact | Privacy | Vaakst vertaald