NL: palaveren U-vorm: Vervoeg volgens de 2e persoon enkelvoud. (advies Taalunie)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
gepalaverd
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik palaver jij palavert hij palavert wij palaveren jullie palaveren zij palaveren
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb gepalaverd jij hebt gepalaverd hij heeft gepalaverd wij hebben gepalaverd jullie hebben gepalaverd zij hebben gepalaverd
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik palaverde jij palaverde hij palaverde wij palaverden jullie palaverden zij palaverden
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had gepalaverd jij had gepalaverd hij had gepalaverd wij hadden gepalaverd jullie hadden gepalaverd zij hadden gepalaverd
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal palaveren jij zult palaveren hij zal palaveren wij zullen palaveren jullie zullen palaveren zij zullen palaveren
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal gepalaverd hebben jij zult gepalaverd hebben hij zal gepalaverd hebben wij zullen gepalaverd hebben jullie zullen gepalaverd hebben zij zullen gepalaverd hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou palaveren jij zou palaveren hij zou palaveren wij zouden palaveren jullie zouden palaveren zij zouden palaveren
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou gepalaverd hebben jij zou gepalaverd hebben hij zou gepalaverd hebben wij zouden gepalaverd hebben jullie zouden gepalaverd hebben zij zouden gepalaverd hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
palaver
|