Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

paaren vervoegen




DE: paaren
Partizip Perfekt & Präsens
`Hij is gekomen` = voltooid deelwoord (Partizip II)
`komend` = tegenwoordig deelwoord (Partizip I)
gepaart
paarend
Indikativ Präsens
der Indikativ = aantonende wijs
ich paare
du paarst
er paart
wir paaren
ihr paart
sie; Sie paaren
Indikativ Perfekt
der Indikativ = aantonende wijs
ich habe gepaart
du hast gepaart
er hat gepaart
wir haben gepaart
ihr habt gepaart
sie; Sie haben gepaart
Indikativ Präteritum
der Indikativ = aantonende wijs
ich paarte
du paartest
er paarte
wir paarten
ihr paartet
sie; Sie paarten
Indikativ Plusquamperfekt
der Indikativ = aantonende wijs
ich hatte gepaart
du hattest gepaart
er hatte gepaart
wir hatten gepaart
ihr hattet gepaart
sie; Sie hatten gepaart
Indikativ Futur I
der Indikativ = aantonende wijs
ich werde paaren
du wirst paaren
er wird paaren
wir werden paaren
ihr werdet paaren
sie; Sie werden paaren
Indikativ Futur II
der Indikativ = aantonende wijs
ich werde gepaart haben
du wirst gepaart haben
er wird gepaart haben
wir werden gepaart haben
ihr werdet gepaart haben
sie; Sie werden gepaart haben
Konjunktiv I Präsens
der Konjunktiv = aanvoegende wijs
ich paare
du paarest
er paare
wir paaren
ihr paaret
sie; Sie paaren
Konjunktiv I Perfekt
der Konjunktiv = aanvoegende wijs
ich habe gepaart
du habest gepaart
er habe gepaart
wir haben gepaart
ihr habet gepaart
sie; Sie haben gepaart
Konjunktiv II Präsens
der Konjunktiv = aanvoegende wijs
ich paarte
du paartest
er paarte
wir paarten
ihr paartet
sie; Sie paarten
Konjunktiv II Perfekt
der Konjunktiv = aanvoegende wijs
ich hätte gepaart
du hättest gepaart
er hätte gepaart
wir hätten gepaart
ihr hättet gepaart
sie; Sie hätten gepaart
Konjunktiv II Futur I
der Konjunktiv = aanvoegende wijs
ich würde paaren
du würdest paaren
er würde paaren
wir würden paaren
ihr würdet paaren
sie; Sie würden paaren
Konjunktiv II Futur II
der Konjunktiv = aanvoegende wijs
ich würde gepaart haben
du würdest gepaart haben
er würde gepaart haben
wir würden gepaart haben
ihr würdet gepaart haben
sie; Sie würden gepaart haben
der Imperativ
der Imperativ = gebiedende wijs
du paare

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/paaren

Werkwoorden A tot (en met) Z

Nederlandse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Duitse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Engelse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Franse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Spaanse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Vervoegen

avoir être willen send sein
© Mijnwoordenboek MMXI | Contact | Privacy | Vaakst vertaald