NL: overschrijvenSynoniemen: kopiëren, overboeken, overnemen, spieken, overzenden, overkalken, afkijken
DE: overschrijven (geld overmaken): überweisen, überschreiben, umbuchen von Geld, übersenden, herüberschicken, übermitteln, deponieren, hinterlegen, eintragenlassen
EN: overschrijven (geld overmaken): transfer, deposit, remit, send
ES: overschrijven (geld overmaken): transferir, pasar, remitir, transcribir, pagar, transmitir, depositar
FR: overschrijven (geld overmaken): verser, transcrire, virer, envoyer, expédier, transférer de l'argent
U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
overgeschreven
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik schrijf over jij schrijft over hij schrijft over wij schrijven over jullie schrijven over zij schrijven over
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb overgeschreven jij hebt overgeschreven hij heeft overgeschreven wij hebben overgeschreven jullie hebben overgeschreven zij hebben overgeschreven
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik schreef over jij schreef over hij schreef over wij schreven over jullie schreven over zij schreven over
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had overgeschreven jij had overgeschreven hij had overgeschreven wij hadden overgeschreven jullie hadden overgeschreven zij hadden overgeschreven
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal overschrijven jij zult overschrijven hij zal overschrijven wij zullen overschrijven jullie zullen overschrijven zij zullen overschrijven
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal overgeschreven hebben jij zult overgeschreven hebben hij zal overgeschreven hebben wij zullen overgeschreven hebben jullie zullen overgeschreven hebben zij zullen overgeschreven hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou overschrijven jij zou overschrijven hij zou overschrijven wij zouden overschrijven jullie zouden overschrijven zij zouden overschrijven
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou overgeschreven hebben jij zou overgeschreven hebben hij zou overgeschreven hebben wij zouden overgeschreven hebben jullie zouden overgeschreven hebben zij zouden overgeschreven hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
schrijf over
|