NL: overdoenSynoniemen: afstaan, herhalen, overschenken, hernieuwen
DE: overdoen (opnieuw doen): aufs neue tun, wiederum tun, wiederholen, auswechseln, nochmals tun, aufs neue machen, abermals tun, noch einmal tun
EN: overdoen (opnieuw doen): do over again, renew, change, refresh
ES: overdoen (opnieuw doen): repetir, actualizar, rehacer, reformar, modificar, renovar, refrescar, innovar, modernizar, hacer de nuevo
FR: overdoen (opnieuw doen): recommencer, refaire
U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
overgedaan
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik doe over jij doet over hij doet over wij doen over jullie doen over zij doen over
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb overgedaan jij hebt overgedaan hij heeft overgedaan wij hebben overgedaan jullie hebben overgedaan zij hebben overgedaan
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik deed over jij deed over hij deed over wij deden over jullie deden over zij deden over
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had overgedaan jij had overgedaan hij had overgedaan wij hadden overgedaan jullie hadden overgedaan zij hadden overgedaan
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal overdoen jij zult overdoen hij zal overdoen wij zullen overdoen jullie zullen overdoen zij zullen overdoen
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal overgedaan hebben jij zult overgedaan hebben hij zal overgedaan hebben wij zullen overgedaan hebben jullie zullen overgedaan hebben zij zullen overgedaan hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou overdoen jij zou overdoen hij zou overdoen wij zouden overdoen jullie zouden overdoen zij zouden overdoen
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou overgedaan hebben jij zou overgedaan hebben hij zou overgedaan hebben wij zouden overgedaan hebben jullie zouden overgedaan hebben zij zouden overgedaan hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
doe over
|