Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

ordenen vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: ordenen
Synoniemen: catalogiseren, indelen, opruimen, rangschikken, regelen, sorteren, schikken, arrangeren, aanrichten, systematiseren, groeperen, organiseren, uitzoeken, schiften, rangeren

DE: alles auf die Reihe bringen
EN: list all the points
FR: ordonner

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
geordend
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik orden
jij ordent
hij ordent
wij ordenen
jullie ordenen
zij ordenen
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb geordend
jij hebt geordend
hij heeft geordend
wij hebben geordend
jullie hebben geordend
zij hebben geordend
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik ordende
jij ordende
hij ordende
wij ordenden
jullie ordenden
zij ordenden
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had geordend
jij had geordend
hij had geordend
wij hadden geordend
jullie hadden geordend
zij hadden geordend
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal ordenen
jij zult ordenen
hij zal ordenen
wij zullen ordenen
jullie zullen ordenen
zij zullen ordenen
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal geordend hebben
jij zult geordend hebben
hij zal geordend hebben
wij zullen geordend hebben
jullie zullen geordend hebben
zij zullen geordend hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou ordenen
jij zou ordenen
hij zou ordenen
wij zouden ordenen
jullie zouden ordenen
zij zouden ordenen
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou geordend hebben
jij zou geordend hebben
hij zou geordend hebben
wij zouden geordend hebben
jullie zouden geordend hebben
zij zouden geordend hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
orden

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/ordenen

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English