NL: opvangenSynoniemen: helpen, horen, onderscheppen, ondervangen, opnemen, registreren, vangen, incasseren, afvangen
DE: unterschlagen, abfangen, aufschnappen, zuvorkommen
EN: intercept, receive, catch on the way
ES: interceptar
FR: intercepter, saisir, attraper
U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
opgevangen
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik vang op jij vangt op hij vangt op wij vangen op jullie vangen op zij vangen op
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb opgevangen jij hebt opgevangen hij heeft opgevangen wij hebben opgevangen jullie hebben opgevangen zij hebben opgevangen
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik ving op jij ving op hij ving op wij vingen op jullie vingen op zij vingen op
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had opgevangen jij had opgevangen hij had opgevangen wij hadden opgevangen jullie hadden opgevangen zij hadden opgevangen
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal opvangen jij zult opvangen hij zal opvangen wij zullen opvangen jullie zullen opvangen zij zullen opvangen
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal opgevangen hebben jij zult opgevangen hebben hij zal opgevangen hebben wij zullen opgevangen hebben jullie zullen opgevangen hebben zij zullen opgevangen hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou opvangen jij zou opvangen hij zou opvangen wij zouden opvangen jullie zouden opvangen zij zouden opvangen
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou opgevangen hebben jij zou opgevangen hebben hij zou opgevangen hebben wij zouden opgevangen hebben jullie zouden opgevangen hebben zij zouden opgevangen hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
vang op
|