Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

opstarten vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: opstarten
DE: opstarten (in werking stellen): betätigen, einschalten, in Funktion setzen
EN: opstarten (in werking stellen): start up, boot
ES: opstarten (in werking stellen): arrancar, poner en marcha, prender, poner en función, iniciar
FR: opstarten (in werking stellen): démarer, déclencher, mettre en marche

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
opgestart
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik start op
jij start op
hij start op
wij starten op
jullie starten op
zij starten op
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb opgestart
jij hebt opgestart
hij heeft opgestart
wij hebben opgestart
jullie hebben opgestart
zij hebben opgestart
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik startte op
jij startte op
hij startte op
wij startten op
jullie startten op
zij startten op
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had opgestart
jij had opgestart
hij had opgestart
wij hadden opgestart
jullie hadden opgestart
zij hadden opgestart
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal opstarten
jij zult opstarten
hij zal opstarten
wij zullen opstarten
jullie zullen opstarten
zij zullen opstarten
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal opgestart hebben
jij zult opgestart hebben
hij zal opgestart hebben
wij zullen opgestart hebben
jullie zullen opgestart hebben
zij zullen opgestart hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou opstarten
jij zou opstarten
hij zou opstarten
wij zouden opstarten
jullie zouden opstarten
zij zouden opstarten
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou opgestart hebben
jij zou opgestart hebben
hij zou opgestart hebben
wij zouden opgestart hebben
jullie zouden opgestart hebben
zij zouden opgestart hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
start op

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/opstarten

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English