Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

opeisen vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: opeisen
Synoniemen: eisen, opvorderen, vorderen, rekwireren

DE: fordern, Anspruch machen auf, einfordern, anfordern
EN: demand, claim, lay claim to
ES: exigir, reclamar, reivindicar
FR: exiger, réclamer, demander, revendiquer, requérir

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
opgeëist
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik eis op
jij eist op
hij eist op
wij eisen op
jullie eisen op
zij eisen op
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb opgeëist
jij hebt opgeëist
hij heeft opgeëist
wij hebben opgeëist
jullie hebben opgeëist
zij hebben opgeëist
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik eiste op
jij eiste op
hij eiste op
wij eisten op
jullie eisten op
zij eisten op
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had opgeëist
jij had opgeëist
hij had opgeëist
wij hadden opgeëist
jullie hadden opgeëist
zij hadden opgeëist
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal opeisen
jij zult opeisen
hij zal opeisen
wij zullen opeisen
jullie zullen opeisen
zij zullen opeisen
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal opgeëist hebben
jij zult opgeëist hebben
hij zal opgeëist hebben
wij zullen opgeëist hebben
jullie zullen opgeëist hebben
zij zullen opgeëist hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou opeisen
jij zou opeisen
hij zou opeisen
wij zouden opeisen
jullie zouden opeisen
zij zouden opeisen
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou opgeëist hebben
jij zou opgeëist hebben
hij zou opgeëist hebben
wij zouden opgeëist hebben
jullie zouden opgeëist hebben
zij zouden opgeëist hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
eis op

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/opeisen

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English