Werkwoord vervoegen

Typ een werkwoord in één van de talen NL, DE, EN, ES of FR.

Vervoeg

NL: oogsten

U: Vervoeg zoals `jij`. Men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`.

Voltooid deelwoord
geoogst

Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
ik oogst
jij oogst
hij oogst
wij oogsten
jullie oogsten
zij oogsten

Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
dat ik oogst
dat jij oogst
dat hij oogst
dat wij oogsten
dat jullie oogsten
dat zij oogsten

Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
ik heb geoogst
jij hebt geoogst
hij heeft geoogst
wij hebben geoogst
jullie hebben geoogst
zij hebben geoogst

Onvoltooid verleden tijd (ovt)
ik oogstte
jij oogstte
hij oogstte
wij oogstten
jullie oogstten
zij oogstten

Onvoltooid verleden tijd (ovt)
dat ik oogstte
dat jij oogstte
dat hij oogstte
dat wij oogstten
dat jullie oogstten
dat zij oogstten

Voltooid verleden tijd (vvt)
ik had geoogst
jij had geoogst
hij had geoogst
wij hadden geoogst
jullie hadden geoogst
zij hadden geoogst

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
ik zal oogsten
jij zult oogsten
hij zal oogsten
wij zullen oogsten
jullie zullen oogsten
zij zullen oogsten

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
ik zal geoogst hebben
jij zult geoogst hebben
hij zal geoogst hebben
wij zullen geoogst hebben
jullie zullen geoogst hebben
zij zullen geoogst hebben

Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
ik zou oogsten
jij zou oogsten
hij zou oogsten
wij zouden oogsten
jullie zouden oogsten
zij zouden oogsten

Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
ik zou geoogst hebben
jij zou geoogst hebben
hij zou geoogst hebben
wij zouden geoogst hebben
jullie zouden geoogst hebben
zij zouden geoogst hebben

Gebiedende wijs
oogst


Voorbeelden

  1. Ierland werd getroffen door de Grote Hongersnood, veroorzaakt door een aardappelziekte die van 1845 tot 1849 de oogsten vernietigde
  2. Oorspronkelijk was Bénichon het oogstdankfeest, waarbij de oogst gezegend en de goden bedankt werden
  3. Iedereen in het dorp neemt deel aan het binnenhalen van de oogst
  4. De Bari is een andere oogstdans
  5. De bescheiden oogst van de lokaal geteelde gierst (Maishi chiki) wordt gebruikt voor pannenkoeken en pap aan het einde van het groeiseizoen
  6. Betaal me terug op dezelfde manier en je oogst wat je zaait
  7. ze zaaiden nee, oogstten nee zon, maan, sterren, regen
  8. erythropsine (pigment in oogstaafjes)
  9. oogsteel
  10. Oogst gewassen en vernietigt aangetaste gewassen of overschotten.
  11. Verzamelt en analyseert gegevens, de oogstopbrengst en financiële rapporten om de resultaten van de klant te meten.
  12. Wie wind zaait, zal storm oogsten.
  13. Het zal schade aanrichten aan de oogst.
  14. Wie wind zaait, zal storm oogsten.
  15. Wat je zaait, zul je oogsten.

Werkwoorden A tot (en met) Z

Nederlandse werkwoorden


Duitse werkwoorden


Engelse werkwoorden


Franse werkwoorden


Spaanse werkwoorden