NL: ontwapenenSynoniemen: ontwapening
EN: ontwapenen (wapens verminderen): disarm
ES: ontwapenen (wapens verminderen): desmilitarizar, desarmarse, renunciar a las armas
FR: ontwapenen (wapens verminderen): désarmer
U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
ontwapend
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik ontwapen jij ontwapent hij ontwapent wij ontwapenen jullie ontwapenen zij ontwapenen
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb ontwapend jij hebt ontwapend hij heeft ontwapend wij hebben ontwapend jullie hebben ontwapend zij hebben ontwapend
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik ontwapende jij ontwapende hij ontwapende wij ontwapenden jullie ontwapenden zij ontwapenden
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had ontwapend jij had ontwapend hij had ontwapend wij hadden ontwapend jullie hadden ontwapend zij hadden ontwapend
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal ontwapenen jij zult ontwapenen hij zal ontwapenen wij zullen ontwapenen jullie zullen ontwapenen zij zullen ontwapenen
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal ontwapend hebben jij zult ontwapend hebben hij zal ontwapend hebben wij zullen ontwapend hebben jullie zullen ontwapend hebben zij zullen ontwapend hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou ontwapenen jij zou ontwapenen hij zou ontwapenen wij zouden ontwapenen jullie zouden ontwapenen zij zouden ontwapenen
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou ontwapend hebben jij zou ontwapend hebben hij zou ontwapend hebben wij zouden ontwapend hebben jullie zouden ontwapend hebben zij zouden ontwapend hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
ontwapen
|