Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

ontvouwen vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: ontvouwen
Synoniemen: openvouwen, toelichten, uitleggen, uitspreiden, spreiden, uiteenzetten, uitvouwen, uitslaan, uitklappen, openspreiden, verduidelijken

DE: ontvouwen (uitleggen): erklären, auseinandersetzen, deuten, erläutern, erörtern, schildern, verdeutlichen, aufschließen, darlegen, illustrieren
EN: ontvouwen (uitleggen): explain, make explicit, make clear
FR: ontvouwen (uitleggen): expliquer, éclaircir, faire comprendre

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
ontvouwen
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik ontvouw
jij ontvouwt
hij ontvouwt
wij ontvouwen
jullie ontvouwen
zij ontvouwen
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb ontvouwen
jij hebt ontvouwen
hij heeft ontvouwen
wij hebben ontvouwen
jullie hebben ontvouwen
zij hebben ontvouwen
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik ontvouwde
jij ontvouwde
hij ontvouwde
wij ontvouwden
jullie ontvouwden
zij ontvouwden
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had ontvouwen
jij had ontvouwen
hij had ontvouwen
wij hadden ontvouwen
jullie hadden ontvouwen
zij hadden ontvouwen
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal ontvouwen
jij zult ontvouwen
hij zal ontvouwen
wij zullen ontvouwen
jullie zullen ontvouwen
zij zullen ontvouwen
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal ontvouwen hebben
jij zult ontvouwen hebben
hij zal ontvouwen hebben
wij zullen ontvouwen hebben
jullie zullen ontvouwen hebben
zij zullen ontvouwen hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou ontvouwen
jij zou ontvouwen
hij zou ontvouwen
wij zouden ontvouwen
jullie zouden ontvouwen
zij zouden ontvouwen
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou ontvouwen hebben
jij zou ontvouwen hebben
hij zou ontvouwen hebben
wij zouden ontvouwen hebben
jullie zouden ontvouwen hebben
zij zouden ontvouwen hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
ontvouw

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/ontvouwen

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English