Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

ontvluchten vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: ontvluchten
Synoniemen: ontglippen, ontkomen, vluchten, weglopen, wegvluchten, uitwijken, ontsnappen, wegrennen, wegkomen

DE: flüchten, fliehen, fortrennen, entfliehen, entwischen, ausbrechen, durchbrennen, aussteigen, ausreißen, davoneilen
EN: escape, elude, break away, get away
FR: fuir, filer, partir en courant, réussir à sortir, s'enfuir, s'évader, s'échapper, ficher le camp, lever l'ancre

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
ontvlucht
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik ontvlucht
jij ontvlucht
hij ontvlucht
wij ontvluchten
jullie ontvluchten
zij ontvluchten
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik ben ontvlucht
jij bent ontvlucht
hij is ontvlucht
wij zijn ontvlucht
jullie zijn ontvlucht
zij zijn ontvlucht
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik ontvluchtte
jij ontvluchtte
hij ontvluchtte
wij ontvluchtten
jullie ontvluchtten
zij ontvluchtten
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik was ontvlucht
jij was ontvlucht
hij was ontvlucht
wij waren ontvlucht
jullie waren ontvlucht
zij waren ontvlucht
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal ontvluchten
jij zult ontvluchten
hij zal ontvluchten
wij zullen ontvluchten
jullie zullen ontvluchten
zij zullen ontvluchten
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal ontvlucht zijn
jij zult ontvlucht zijn
hij zal ontvlucht zijn
wij zullen ontvlucht zijn
jullie zullen ontvlucht zijn
zij zullen ontvlucht zijn
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou ontvluchten
jij zou ontvluchten
hij zou ontvluchten
wij zouden ontvluchten
jullie zouden ontvluchten
zij zouden ontvluchten
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou ontvlucht zijn
jij zou ontvlucht zijn
hij zou ontvlucht zijn
wij zouden ontvlucht zijn
jullie zouden ontvlucht zijn
zij zouden ontvlucht zijn
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
ontvlucht

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/ontvluchten

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English