Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

ontkleden vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: ontkleden
Synoniemen: uitkleden, uittrekken, uitdoen

EN: ontkleden (uitkleden): take off, undress, disrobe, remove one's clothes

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
ontkleed
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik ontkleed
jij ontkleedt
hij ontkleedt
wij ontkleden
jullie ontkleden
zij ontkleden
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb ontkleed
jij hebt ontkleed
hij heeft ontkleed
wij hebben ontkleed
jullie hebben ontkleed
zij hebben ontkleed
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik ontkleedde
jij ontkleedde
hij ontkleedde
wij ontkleedden
jullie ontkleedden
zij ontkleedden
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had ontkleed
jij had ontkleed
hij had ontkleed
wij hadden ontkleed
jullie hadden ontkleed
zij hadden ontkleed
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal ontkleden
jij zult ontkleden
hij zal ontkleden
wij zullen ontkleden
jullie zullen ontkleden
zij zullen ontkleden
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal ontkleed hebben
jij zult ontkleed hebben
hij zal ontkleed hebben
wij zullen ontkleed hebben
jullie zullen ontkleed hebben
zij zullen ontkleed hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou ontkleden
jij zou ontkleden
hij zou ontkleden
wij zouden ontkleden
jullie zouden ontkleden
zij zouden ontkleden
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou ontkleed hebben
jij zou ontkleed hebben
hij zou ontkleed hebben
wij zouden ontkleed hebben
jullie zouden ontkleed hebben
zij zouden ontkleed hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
ontkleed

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/ontkleden

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English