Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

omploegen vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: omploegen
Synoniemen: omwerken, ploegen, spitten, omspitten, omgraven

DE: umpflügen, unterpflügen
EN: plough, dig, plough up, reform, break up, convert
ES: labrar, arar
FR: labourer, désherber, retravailler, bêcher, percer, remanier, arracher les mauvaises herbes

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
omgeploegd
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik ploeg om
jij ploegt om
hij ploegt om
wij ploegen om
jullie ploegen om
zij ploegen om
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb omgeploegd
jij hebt omgeploegd
hij heeft omgeploegd
wij hebben omgeploegd
jullie hebben omgeploegd
zij hebben omgeploegd
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik ploegde om
jij ploegde om
hij ploegde om
wij ploegden om
jullie ploegden om
zij ploegden om
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had omgeploegd
jij had omgeploegd
hij had omgeploegd
wij hadden omgeploegd
jullie hadden omgeploegd
zij hadden omgeploegd
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal omploegen
jij zult omploegen
hij zal omploegen
wij zullen omploegen
jullie zullen omploegen
zij zullen omploegen
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal omgeploegd hebben
jij zult omgeploegd hebben
hij zal omgeploegd hebben
wij zullen omgeploegd hebben
jullie zullen omgeploegd hebben
zij zullen omgeploegd hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou omploegen
jij zou omploegen
hij zou omploegen
wij zouden omploegen
jullie zouden omploegen
zij zouden omploegen
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou omgeploegd hebben
jij zou omgeploegd hebben
hij zou omgeploegd hebben
wij zouden omgeploegd hebben
jullie zouden omgeploegd hebben
zij zouden omgeploegd hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
ploeg om

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/omploegen

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English