MWB Online woordenboek
 

Vertalen

Woorden (Hoofdpagina)
Tekst
Vaakst vertaald

Ontspanning

Puzzelwoorden
Woordspellen
Rijmwoordenboek

Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

Spelling

Spellingalfabet
Goed en Fout
Spellingcontrole

Varia

Dialecten
Encyclopedie
Symbolen en ALT-codes
Tellen in andere talen
Themawoordenboeken
This site in English

Taalportalen

NL | DE | EN | ES | FR

De website

Partners | Contact | Privacy

Vervoegen: obliegen

DE: obliegen

DE: obliegen
Partizip Perfekt & Präsens
`Hij is gekomen` = voltooid deelwoord (Partizip II)
`komend` = tegenwoordig deelwoord (Partizip I)
oblegen; obgelegen
obliegend
Indikativ Präsens
der Indikativ = aantonende wijs
ich obliege; liege ob
du obliegst; liegst ob
er obliegt; liegt ob
wir obliegen; liegen ob
ihr obliegt; liegt ob
sie; Sie obliegen; liegen ob
Indikativ Perfekt
der Indikativ = aantonende wijs
ich habe oblegen; obgelegen
du hast oblegen; obgelegen
er hat oblegen; obgelegen
wir haben oblegen; obgelegen
ihr habt oblegen; obgelegen
sie; Sie haben oblegen; obgelegen
Indikativ Präteritum
der Indikativ = aantonende wijs
ich oblag; lag ob
du oblagst; lagst ob
er oblag; lag ob
wir oblagen; lagen ob
ihr oblagt; lagt ob
sie; Sie oblagen; lagen ob
Indikativ Plusquamperfekt
der Indikativ = aantonende wijs
ich hatte oblegen; obgelegen
du hattest oblegen; obgelegen
er hatte oblegen; obgelegen
wir hatten oblegen; obgelegen
ihr hattet oblegen; obgelegen
sie; Sie hatten oblegen; obgelegen
Indikativ Futur I
der Indikativ = aantonende wijs
ich werde obliegen
du wirst obliegen
er wird obliegen
wir werden obliegen
ihr werdet obliegen
sie; Sie werden obliegen
Indikativ Futur II
der Indikativ = aantonende wijs
ich werde oblegen; obgelegen haben
du wirst oblegen; obgelegen haben
er wird oblegen; obgelegen haben
wir werden oblegen; obgelegen haben
ihr werdet oblegen; obgelegen haben
sie; Sie werden oblegen; obgelegen haben
Konjunktiv I Präsens
der Konjunktiv = aanvoegende wijs
ich obliege; liege ob
du obliegest; liegest ob
er obliege; liege ob
wir obliegen; liegen ob
ihr oblieget; lieget ob
sie; Sie obliegen; liegen ob
Konjunktiv I Perfekt
der Konjunktiv = aanvoegende wijs
ich habe oblegen; obgelegen
du habest oblegen; obgelegen
er habe oblegen; obgelegen
wir haben oblegen; obgelegen
ihr habet oblegen; obgelegen
sie; Sie haben oblegen; obgelegen
Konjunktiv II Präsens
der Konjunktiv = aanvoegende wijs
ich obläge; läge ob
du oblägest; lägest ob
er obläge; läge ob
wir oblägen; lägen ob
ihr obläget; läget ob
sie; Sie oblägen; lägen ob
Konjunktiv II Perfekt
der Konjunktiv = aanvoegende wijs
ich hätte oblegen; obgelegen
du hättest oblegen; obgelegen
er hätte oblegen; obgelegen
wir hätten oblegen; obgelegen
ihr hättet oblegen; obgelegen
sie; Sie hätten oblegen; obgelegen
Konjunktiv II Futur I
der Konjunktiv = aanvoegende wijs
ich würde obliegen
du würdest obliegen
er würde obliegen
wir würden obliegen
ihr würdet obliegen
sie; Sie würden obliegen
Konjunktiv II Futur II
der Konjunktiv = aanvoegende wijs
ich würde oblegen; obgelegen haben
du würdest oblegen; obgelegen haben
er würde oblegen; obgelegen haben
wir würden oblegen; obgelegen haben
ihr würdet oblegen; obgelegen haben
sie; Sie würden oblegen; obgelegen haben
der Imperativ
der Imperativ = gebiedende wijs
du obliege; liege ob; obliege; lieg ob

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/obliegen


Werkwoorden A tot (en met) Z

Nederlandse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Duitse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Engelse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Franse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Spaanse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z


Vervoeg

Typ een werkwoordsvorm in en klik op de `Vervoeg` knop.

Vertalen

Naar

Spelling (woord)

Vervoegen

Synoniemen

Werkwoord vervoegen

Van Dale taalweb
© Mijnwoordenboek 2008