Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

nationaliseren vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: nationaliseren
EN: nationalize

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
genationaliseerd
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik nationaliseer
jij nationaliseert
hij nationaliseert
wij nationaliseren
jullie nationaliseren
zij nationaliseren
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb genationaliseerd
jij hebt genationaliseerd
hij heeft genationaliseerd
wij hebben genationaliseerd
jullie hebben genationaliseerd
zij hebben genationaliseerd
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik nationaliseerde
jij nationaliseerde
hij nationaliseerde
wij nationaliseerden
jullie nationaliseerden
zij nationaliseerden
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had genationaliseerd
jij had genationaliseerd
hij had genationaliseerd
wij hadden genationaliseerd
jullie hadden genationaliseerd
zij hadden genationaliseerd
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal nationaliseren
jij zult nationaliseren
hij zal nationaliseren
wij zullen nationaliseren
jullie zullen nationaliseren
zij zullen nationaliseren
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal genationaliseerd hebben
jij zult genationaliseerd hebben
hij zal genationaliseerd hebben
wij zullen genationaliseerd hebben
jullie zullen genationaliseerd hebben
zij zullen genationaliseerd hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou nationaliseren
jij zou nationaliseren
hij zou nationaliseren
wij zouden nationaliseren
jullie zouden nationaliseren
zij zouden nationaliseren
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou genationaliseerd hebben
jij zou genationaliseerd hebben
hij zou genationaliseerd hebben
wij zouden genationaliseerd hebben
jullie zouden genationaliseerd hebben
zij zouden genationaliseerd hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
nationaliseer

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/nationaliseren

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English