NL: nabestellenDE: nachbestellen
EN: reorder, give a repeat order
U-vorm: Vervoeg volgens de 2e persoon enkelvoud. (advies Taalunie)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
nabesteld
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik bestel na jij bestelt na hij bestelt na wij bestellen na jullie bestellen na zij bestellen na
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb nabesteld jij hebt nabesteld hij heeft nabesteld wij hebben nabesteld jullie hebben nabesteld zij hebben nabesteld
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik bestelde na jij bestelde na hij bestelde na wij bestelden na jullie bestelden na zij bestelden na
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had nabesteld jij had nabesteld hij had nabesteld wij hadden nabesteld jullie hadden nabesteld zij hadden nabesteld
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal nabebestellen jij zult nabebestellen hij zal nabebestellen wij zullen nabebestellen jullie zullen nabebestellen zij zullen nabebestellen
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal nabesteld hebben jij zult nabesteld hebben hij zal nabesteld hebben wij zullen nabesteld hebben jullie zullen nabesteld hebben zij zullen nabesteld hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou nabebestellen jij zou nabebestellen hij zou nabebestellen wij zouden nabebestellen jullie zouden nabebestellen zij zouden nabebestellen
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou nabesteld hebben jij zou nabesteld hebben hij zou nabesteld hebben wij zouden nabesteld hebben jullie zouden nabesteld hebben zij zouden nabesteld hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
bestel na
|